Laster: Geshe Kelsang Gyatso werd uit zijn eigen klooster verbannen

Waarheid: In 1996 schreven vijftien abten en leraren van het Sera Je Klooster een open brief aan Geshe Gyatso, waarin zij hem uit de gemeenschap van het klooster sloten en noemden hem een “afvallige”. De reden voor deze actie was Geshe Kelsang’s uitgesproken kritiek tegen het verbod van de dalai lama op Dorje Shoegden.

James Belither, die op dat moment NKT-secretaris was, zei:

“De campagne om Geshe Kelsang in diskrediet te brengen is duidelijk een poging om hem tot zwijgen te brengen en om als waarschuwing aan anderen te fungeren. Zoals de ene Tibetaanse lama die in Amerika woont tegen een andere lama zei die in Duitsland woont en van plan was zich in het openbaar uit te spreken tegen het verbod van de Dalai Lama: "Nee, dat moet je niet doen. Ze zullen met je doen wat ze Geshe Kelsang hebben aangedaan".”

Wat betekent het om te worden ‘gezet’ uit een instelling waar je hebt gestudeerd? Het neemt de jaren van studie en meditatie niet weg en het vermindert je spirituele kwalificaties totaal niet. Hieruit kunnen we zien dat de uitzetting slechts een politieke actie en een leeg gebaar is.

In de “Declaratie van de uitzetting van Kelsang Gyatso uit het Sera Je klooster” van 22 augustus 1996 staat onder andere:

“... Deze dagen vertoont de demonische, overweldigende wolk van arrogantie zich [in Kelsang Gyatso] met een massa van misleide trots, als een vleermuis die denkt dat hij boven in de hemel is .... Deze demon met gebroken verplichtingen .... brandt met de vlam van ondraaglijke wrok voor de onvolprezen alwetende 14e dalai lama, de enige levenssteun van de religieuze mensen in Tibet, waarvan de activiteiten en vriendelijkheid gelijk zijn aan de hemel.”

Dit was niet de enige grove, politiek gemotiveerde brief die door Geshe Kelsang is ontvangen vanwege zijn verzet tegen het verbod van de dalai lama op de beoefening van Dorje Shoegden. De hele zomer van 1996, in de aanloop naar zijn “uitzetting”, ontving hij een constante stroom van boze brieven. Voorbeelden hiervan zijn:

Van de Vredesbeweging, Jeugd Congres, Tibetaanse Vrouwen Association en vertegenwoordigers van de Drie Provincies Beweging:

“... U bent leven na leven verdoemd ... uit het feit dat u anderen zegt geen foto's van de dalai lama te houden blijkt dat, hoewel u het masker van een religieuze beoefenaar draagt, u in werkelijkheid de rennende hond van China en Taiwan bent. Daarom zullen wij, het Tibetaanse volk binnen en buiten Tibet, eensgezind opstaan tegen u als een bron van schade aan de geestelijke en wereldlijke zaken van Tibetanen.”

Van de Tibetanen in Dharamsala aan “Alle volgelingen van Geshe Kelsang Gyatso”, 20 augustus:

"Het is ook algemeen bekend dat u, vanwege een klein meningsverschil met Zijne Heiligheid de dalai lama, portretten van Zijne Heiligheid in uw zakelijke Dharmacentra had verboden. Deze waanzinnige en demonische handeling heeft schande aan de Tibetanen als een geheel veroorzaakt en is niet beter dan de barbaarse handelingen van de rode Chinezen. Wij, de zes miljoen Tibetanen, veroordelen deze slechte handeling plechtig .... Na diep onderzoek naar uw verkeerde handelingen hebben we geconcludeerd dat het voor een door geelzucht getroffen persoon die het masker van de Dharma draagt onmogelijk is een echte boeddhistische Geshe te zijn.”

(Zie hier voor een weerlegging van de laster dat de foto van de dalai lama niet opgehangen mag worden.)

Van de Tibetaanse gemeenschap in Kathmandu, Nepal:

“We voelen ons verplicht u bepaalde feiten over hem te vertellen, zodat zijn onbeschaamde geraaskal goedbedoelende aanhangers van het pad niet op een dwaalspoor kan brengen.... Uw ‘goeroe’ heeft het misplaatste lef om de alwetendheid van de Meedogende uit te dagen, tot afschuw van ons allen.”

Vanwege een aantal kwetsende, obscene en dreigende brieven, en vanwege waarschuwingen van Tibetaanse vrienden, moet Geshe Kelsang sinds die zomer op een locatie leven die alleen bij een paar mensen bekend is en heeft hij strikte beveiliging nodig wanneer hij les geeft. In deze politieke context is hij “verbannen” uit zijn klooster en ontdaan van zijn Geshegraad. In werkelijkheid is hij een van de best opgeleide en meest gekwalificeerde Geshes die vandaag de dag leven.

Deze situatie en de brief spreken voor zich. Geshe Kelsang werd altijd zeer hoog geacht door zijn gelijken bij Sera Je en toen hij in Tibet en India was, handelde hij volledig binnen de activiteiten van de Gelugpa traditie. Hij ontvong geen censuur of kritiek van binnen de Gelugpagemeenschap tot 1996, toen de Dalai lama zijn verbod op Dorje Shoegden uitvaardigde. Op dat moment verklaarde Geshe Kelsang publiekelijk wat in veel kringen in Tibet al bekend was: dat de belangrijkste motivatie van de dalai lama voor het verbod was om de vier scholen te verenigen, zodat hij hun enige spirituele leider kon worden.

De brief van Sera Je maakt een groot aantal valse beweringen, zoals dat hij een “chronische tuberculose patiënt” was en heeft maar één belangrijkste beschuldiging: zij beweren (a) dat de dalai lama Geshe Kelsang’s Kerngoeroe is, en (b) dat hij door ongehoorzaam te zijn aan de dalai lama de verplichting verbreekt om op zijn Spirituele Gids te vertrouwen. Daarom beweren zij dat hij uit het klooster moest worden verbannen. Geshe Kelsang heeft duidelijk uitgelegd dat de dalai lama nooit zijn Spirituele Gids is geweest en dat hij nooit machtigingen of zelfs leringen van hem heeft ontvangen. Hij heeft ook uitgelegd dat hij vanwege zijn oprechte vertrouwen op zijn Spirituele Gids, Trijang Rinpoche, nooit het verbod van de dalai lama op Dorje Shoegden op zou kunnen volgen. Geshe Kelsang's gedrag is in feite het tegenovergestelde van wat wordt beweerd in de uitzettingbrief.

Ten slotte kan in deze context worden gezegd dat Geshe Kelsang niet uit de Gelugtraditie kan worden geëxcommuniceerd, omdat het geen club is; Gelugpa’s zijn degenen die de leer van Tsongkhapa volgen en Geshe Kelsang heeft zijn leven gewijd aan de handhaving en verspreiding van deze leer.

Zie ook de weerlegging van de laster dat Geshe Kelsang een ‘zelfbenoemde Geshe’ is.